‘Plantaardig’ eten en ‘planten eten’ zijn 2 verschillende dingen

Plantaardig lijkt momenteel een toverwoord: als het plantaardig is, dan moet het gezond zijn, toch? Wanneer een product niet alleen gezond maar ook hip wil lijken, noemen ze het vegan.
Je begrijpt: zo eenvoudig steekt de wereld niet in elkaar!
Wat als een paal boven water staat, is dat planten eten gezond is voor mensen.
Plantaardig is 9 van de 10 keer gewoon fabrieksvoedsel, waarbij met grof geweld een onderdeel van een plant wordt gemaakt tot een product. Dat is dan strikt genomen plantaardig… maar bijna nooit gezond!
Zonnebloemolie die door een chemische behandeling ineens smeerbaar is voor op brood, is echt iets anders dan een struik boerenkool.

Er is een woord voor: gezondheids-aura. Dat is wanneer een hele stroming van voedingsmiddelen ineens gebombardeerd worden tot het summum van gezondheid. Het wordt dan even een rage: denk aan light-producten, die hadden een tijdje een gezondheids-aura… en toen kwamen mensen erachter dat light ook nadelen had. Daarnaast: uit wetenschappelijk onderzoek bleek dat mensen van een product wat 33% minder vet of suiker bevatte, onbewust ook ongeveer 33% meer gingen eten.
Inmiddels is het effect van ‘light’ wel uitgewerkt. Zelfs Coca-Cola maakt inmiddels reclame voor cola zonder suiker/zero sugar.

Plantaardig is aan de beurt

Light is niet de enige term met (een tijdje) een gezondheidsaura: Biologisch heeft er ook een tijdje een gehad. Het werd ook op allerlei ongezonde producten geplakt zodat mensen dachten dat het gezond was… of op zijn minst ‘minder ongezond’. Totdat mensen erachter kwamen dat biologisch koekjes niet een heel ander effect hebben dan niet biologische koekjes.
Paleo had ook (heel) even het aura… en nu is ‘plantaardig’ of ‘vegan’ aan de beurt.
Hoe weet je dat iets een gezondheids-aura heeft? Er komen ineens heel veel producten op de markt waar op de verpakking die claim staat. Er zijn ineens heel veel reclames (in bushokjes en op TV) waarin producten aangeprezen worden met die term.
De Becel-reclame roept ‘Planten zijn de nieuwe koeien’, om vervolgens kunstmatig geharde lijnzaad-olie voor op brood te verkopen.
Dan weet je: de industrie heeft een in principe gezond idee gekidnapt om hun ‘op eten lijkende substanties’* te vermarketen, te promoten… aan te smeren is misschien in deze context nog wel de leukste term.

* deze term is verzonnen door auteur Michael Pollan, van “In defense of food”

Op miraculeuze wijze

De ‘plantaardige’ trend is geen toeval.
Een paar jaar geleden leken mensen zich massaal af te keren van het overgeproduceerde fabrieksvoedsel uit de supermarkten. ‘Echt’ eten won aan populariteit… iets moest het liefst geen etiket hebben (groente en fruit), of minder dan 5 ingrediënten ‘die je oma ook zou herkennen als eten’.
Er kwam aandacht voor de ellende en vervuiling uit de bio-industrie.
Die aandacht tegen de producten van de voedingsmiddelen-industrie heeft diezelfde industrie op miraculeuze wijze weten om te buigen naar nieuwe producten… die niet echt wezenlijk anders zijn, maar wel ineens worden gezien als de oplossing in plaats van het probleem. Zowel voor je gezondheid als voor het milieu. Het is een beweging waar ji-jitsu kampioenen jaloers op kunnen zijn: je beweegt mee met de aanval, pakt ‘m over en drukt de tegenstander weerloos tegen de mat.
Ondertussen woont de voedingsmiddelen-industrie de termen ‘plantaardig’ en ‘vegan’ he-le-maal uit… met producten die worden aangeprijsd als plantaardig, maar die verdomd weinig met planten eten te maken hebben.

Een ‘Beyond Burger’ is geen hamburger, maar ook zeker geen broccoli

Ik heb net geteld: de plantaardige Beyond Burger die verkocht wordt in de supermarkt heeft 22 ingrediënten.
Tweeëntwintig!
Geen een groeit er aan een boom of kan je laten groeien in de volle grond!
Erwteneiwitisolaat komt uit een fabriek. Cellulose, methylcellulose, aroma, rookaroma, maltodextrine, gemodificeerd zetmeel → uit een fabriek.
Dingen als geraffineerde kokosolie, appelextract, citroensapconcentraat klinken nog een beetje als planten… maar raffinage, extraheren en concentreren zijn natuurlijk fabrieksprocessen waarbij het eindproduct niets meer te maken heeft met de grondstof… en dus ook niet te vergelijken is. Het is geen kokosnoot, appel of citroen meer, wil ik maar zeggen.
Er blijft na fabricage ook niets meer over van de gezonde eigenschappen van de plant: de vitamines zijn weg, de mineralen zijn weg, de vezels zijn weg, de fyto-voedingsstoffen zijn al helemaal weg.
Zo’n plantaardige fabrieksburger is misschien geen gewone hamburger, maar het is zeker ook geen broccoli… het is een voedsel lijkende substantie met een gezondheidsaura. En dat geldt voor zoveel van deze plantaardige producten.

Zwart-wit-discussie

Je kan je afvragen wat erger is voor zowel milieu als gezondheid: deze gefabriceerde Beyond Burger of een ‘gewone’ hamburger met 2 ingrediënten: grasgevoerd, vrije uitloop rundvlees, zout.
Want dat is een andere truc uit de ‘plantaardige’ marketing: de discussie terugbrengen tot zwart en wit. Ze doen het lijken dat je maar 2 keuzes hebt: OF een van dierenleed bolstaande hamburger uit de bioindustrie OF een plantaardige/vegan-burger uit de fabriek. Terwijl je ook heel veel andere alternatieven hebt die beter zijn voor mens, dier en milieu (zonder te ontkennen dat de koe een enorm slechte dag heeft wanneer de slager haar komt slachten. Vlees is natuurlijk nooit ‘diervriendelijk’… maar het maakt wel uit hoe het dier geleefd heeft).

Eet planten

Wanneer je echt iets gezonds wil eten, kies er dan voor om heel veel planten te eten. In ons voedingsadvies is regel 1 ook altijd: ‘Vul je bord met groenten’. Dan creëer je altijd een gezonde context voor de rest van de maaltijd. De grote onderzoeken naar de gezondheidseffecten van vlees kijken eigenlijk nooit naar die context: wanneer iemand die leeft op fabrieksvlees van zieke dieren en verder vooral veel geraffineerde granen en suikers eet, ziek wordt… dan krijgt het vlees de schuld en het ongezonde label. Zeker nu de makers van die geraffineerde granen en suikers inmiddels ook de makers van het alternatief van vlees zijn: de plantaardige producten.
Als voormalig (parlementair) journalist heb ik geleerd om altijd op zoek te gaan naar wie er hier baat bij heeft, wie de macht heeft om zoiets ineens groot te maken, wie eraan verdiend…
Mijn conclusie:
Vegan(isme) kan prima zijn, leven op planten: het bestaat al eeuwen…
Plantaardige producten, dat zijn vaak wolven (voedingsmiddelenindustrie) in schaapskleren (vegan verpakt).

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.